Openluchtmuseum
3 augustus 2026

Duurzaamheid als fundament voor zakelijke evenementen

Door Laura Graichen

Rubrieken

Duurzaamheid is allang niet meer alleen een thema voor de toekomst. Ook opdrachtgevers van evenementenlocaties stellen steeds vaker eisen op het gebied van duurzaamheid, circulariteit en maatschappelijke impact. Voor het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem is dat geen nieuwe ontwikkeling. Volgens Denise de Wolff, campagne marketeer bij het museum, zit duurzaam denken al jarenlang verweven in vrijwel alle facetten van de organisatie.

‘We zijn natuurlijk een museum waar geschiedenis centraal staat en juist daarom kijken wij voortdurend vooruit. Alles wat we doen is erop gericht om ons erfgoed en de verhalen die daarbij horen door te geven aan volgende generaties.’

Duurzaamheid gaat verder dan het milieu

Waar duurzaamheid vaak direct wordt gekoppeld aan energiebesparing of afvalreductie, kijkt het Nederlands Openluchtmuseum breder. Met ruim 44 hectare museumpark, een botanische tuin en een ligging in Natura 2000-gebied speelt natuurbeheer vanzelfsprekend een belangrijke rol. Tegelijkertijd draait duurzaamheid ook om het toekomstbestendig houden van de collectie en de verhalen die het museum vertelt.

‘Een museum dat stil blijft staan, verliest zijn waarde. Je moet blijven ontwikkelen als het gaat om de gebouwen, je programmering en je bedrijfsvoering.’ Historische gebouwen worden zorgvuldig onderhouden en tentoonstellingen worden duurzaam vernieuwd. Zo werd onlangs de Molukse barak volledig vernieuwd. ‘We doen het er niet bij, het is een rode draad in alles dat we doen.’

Circulariteit zit in onze genen

Juist een museum over het dagelijks leven kan laten zien dat duurzaamheid geen nieuw begrip is. Veel processen binnen het museum zijn circulair.

‘Hout dat vrijkomt op het museumterrein wordt waar mogelijk hergebruikt. Het hout gaat naar de scheepswerf waar er een boot van wordt gebouwd. De schroeven die daarvoor nodig zijn, worden weer gemaakt door onze smid. Eigenlijk laten we zien dat we veel kunnen leren van hoe vroeger met materialen werd omgegaan.’ Volgens Denise sluiten die historische werkwijzen verrassend goed aan bij actuele thema's als circulariteit en hergebruik.

Duurzame keuzes voor zakelijke opdrachtgevers

Ook voor de zakelijke markt wordt duurzaamheid steeds belangrijker. Het museum ontvangt veel opdrachtgevers uit de (semi)overheid, organisaties die vaak aan specifieke duurzaamheidsdoelstellingen moeten voldoen. Om die reden investeert het museum continu in duurzame ontwikkelingen. Zo beschikt het opnieuw over het Green Key Gold-certificaat en behaalde het dit jaar ook de YOIN-certificering, een onafhankelijk kwaliteitskeurmerk voor meeting- en eventlocaties. Daarbij wordt onder meer gekeken naar duurzaamheid, veiligheid, circulariteit, hospitality en de kwaliteit van de faciliteiten.

‘Zo'n certificering geeft opdrachtgevers vertrouwen. Het laat zien dat de basis goed op orde is. Vaak hoeven we daardoor niet eens meer uitgebreid uit te leggen welke duurzame keuzes we maken.’

Die keuzes zijn onder meer zichtbaar in het cateringaanbod, de aandacht voor circulaire oplossingen en voorzieningen zoals laadpunten voor elektrische auto's. Daarnaast werkt het museum samen met partners aan initiatieven zoals een toekomstbestendig waterplan voor het museumterrein.

Investeren in de toekomst

Dat vooruitkijken stopt niet bij de huidige museumlocatie. In 2028 opent het Nederlands Openluchtmuseum een nieuw binnenmuseum met meerdere ruimtes. Naast vaste en tijdelijke exposities biedt het gebouw straks ook nieuwe mogelijkheden voor zakelijke bijeenkomsten en evenementen.

Hoewel nog niet alle plannen openbaar zijn, staat vast dat de uitbreiding meer ruimte creëert voor grotere gezelschappen en nieuwe vormen van bijeenkomsten. Daarmee speelt het museum in op de groeiende vraag naar inspirerende locaties waar inhoud, erfgoed en maatschappelijke thema's samenkomen.

‘Duurzaamheid draait voor ons uiteindelijk om behouden en blijven ontwikkelen. Alleen zo zorgen we ervoor dat het museum ook over tientallen jaren nog relevant is voor bezoekers en voor zakelijke opdrachtgevers.’

Fotografie: Linde Berends en Jorrit Lousberg